Skip navigatie

Inhoud

Les 2: welke namen heb je je kindje gegeven?

Home > Doopcatechese > Les 2: namen geven


Handelingen 2, 38,41
Petrus zei tegen hen: "Bekeer u! Ieder van u moet zich laten dopen in de naam van Jezus Christus tot vergeving van uw zonden. Dan zult u de gave van de heilige Geest ontvangen." (..) Zij die zijn woord aannamen, lieten zich dopen; en op die dag sloten zich ongeveer drieduizend mensen aan.

Korte uitleg: In deze tekst lezen we hoe de jonge kerk de opdracht van Jezus om te dopen opneemt. Uit de tekst blijkt dat de doop het sacrament is waardoor iemand wordt opgenomen in de geloofsgemeenschap.

Opdracht: vertel of bedenk welke naam je je kindje hebt mee gegeven. Vond je dat gewoon een mooie naam, of heb je de naam gekozen omdat de betekenis ervan je aanspreekt? Is je kindje vernoemd, naar een grootouder, en vriend, een heilige? Heb je je kind doopnamen meegegeven? Niet dat dat per se moet! Waarom heb je het die doopnamen gegeven?

Hieronder kun je de antwoorden lezen die door ouders zijn gegeven op deze vragen. Als je wilt kan je meedoen door daar je eigen antwoorden aan toe voegen.



Instructie: Ieder mens heeft een naam. Door je naam onderscheid je je van andere mensen. Een naam is daarom belangrijk: het vertelt wie jij bent, als persoon, als uniek individu. Niet voor niets staat het recht op een naam vermeld als een van de eerste rechten in de rechten voor kinderen. Je bent niet iets, je bent iemand: Jan, Marieke, Tjeerd of Sanne.

Maar een naam verbindt je ook met andere mensen. Door je naam heb je een plek temidden van de mensen. Je achternaam vertelt je bij welke ouders je hoort. Soms krijg je een naam die al generaties in de familie is, en dan verbindt je naam je met al die voorgangers. Soms verwijst een doopnaam naar een familielid, of een goede vriend van je ouders. Soms wordt iemand vernoemd naar een heilige. In al die gevallen drukt je naam behalve wie je bent als individu ook verbondenheid uit met de mensen op je heen.

Dat past goed bij de doop. Want door de doop word je opgenomen in de geloofsgemeenschap. Daarom wil de gemeenschap weten wie jij bent, welke naam je hebt. En andersom kan de keuze voor precies die naam of die doopnamen verbondenheid met de mensen om je heen uitdrukken.

Je naam is het eerste waarmee je geschiedenis maakt: met je naam begint je verhaal. Daarom speelt de naam in de doopviering ook een belangrijke rol. Aan het begin van de viering wordt de naam van het kind nog eens nadrukkelijk uitgesproken. Daarbij kunnen de ouders vertellen waarom voor deze naam gekozen is. Zo gaat het kind deel uitmaken van de verhalen van mensen. Door de doop gaat het kind ook deel uitmaken van het verhaal van God met de mensen. Dat bedoelen we wanneer we zeggen dat de naam van het kind geschreven staat in de palm van Gods hand.

Ga door naar les 3